Ontstaansgeschiedenis in Nederland
De eerste vermeldingen van het Bahá'í-geloof in Nederland dateren uit het begin van de twintigste eeuw. Pas na het einde van de Tweede Wereldoorlog was er sprake van een meer systematische groei. In 1948 werd de eerste, toen nog, Regionale Geestelijke Raad opgericht. Het geloof schrijft namelijk voor dat elke gemeenschap die uit negen of meerdere bahá'í's bestaat, een bestuur gevormd kan worden dat de bahá'í-gemeenschap vertegenwoordigt. In 1952 volgde in Den Haag de tweede Regionale Geestelijke Raad van Nederland. Daarna werden er ook Raden in Arnhem, Delft, Haarlem, Heemstede, Leiden, Rotterdam en Utrecht opgericht. De eerste verkiezingen voor het nationaal bestuur van de Nederlandse Bahá'í-gemeenschap werden gehouden in 1962. Negen mensen werden toen gekozen om zitting te nemen in de zogeheten Nationale Geestelijke Raad die in Den Haag zetelt. De Nederlandse Bahá'í-gemeenschap telt nu zo'n 1.300 leden, verspreid over 177 gemeenten over alle provincies. Er zijn in Nederland 31 Plaatselijke Geestelijke Raden die op allerlei verschillende gebieden samenwerken met andere organisaties.




